ECLI:NL:CRVB:2005:AT0233
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- C. van Viegen
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting en oplegging boete
Appellant ontving een bijstandsuitkering volgens de Algemene bijstandswet (Abw). Naar aanleiding van een vermoeden van onrechtmatigheid, omdat appellant gebruik maakte van een Mercedes, startte de gemeente Tilburg een onderzoek. Dit leidde tot de conclusie dat appellant beschikte over een vermogen dat het vrij te laten vermogen ruimschoots overtrof.
Op grond hiervan trok de gemeente het recht op bijstand in voor de periode van 26 september 2000 tot en met 31 maart 2001, vorderde de gemaakte kosten terug en legde een boete op wegens schending van de inlichtingenverplichting. Appellant voerde aan dat de auto niet tot zijn vermogen behoorde, maar dit werd door de Raad verworpen.
De Raad oordeelde dat appellant de inlichtingenverplichting had geschonden en dat de intrekking, terugvordering en boete terecht waren opgelegd. De overgang van de Abw naar de WWB en de verschillen in sanctiemogelijkheden werden besproken, maar boden geen grond voor een lagere boete. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking, terugvordering en boete worden bevestigd.