ECLI:NL:CRVB:2005:AT0639
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- R.M. van Male
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen kwalificatie boetewaardig gedrag
Appellant stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank Roermond die het bezwaar tegen een besluit van het College van burgemeester en wethouders van Venlo ongegrond verklaarde. Het bezwaar betrof de kwalificatie 'boetewaardig gedrag' in een brief van 8 oktober 2002, waarin tevens werd bevestigd dat appellant recht had op voortzetting van zijn bijstandsuitkering en een voorlopige vrijstelling van arbeidsverplichtingen.
De Raad stelde vast dat zowel onderdeel 1 als onderdeel 3 van de brief een besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) vormen. Echter, de kwalificatie 'boetewaardig gedrag' is geen besluit gericht op rechtsgevolg. Daarom is het bezwaar daartegen terecht niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad verwierp tevens het verzoek van appellant om schadevergoeding, omdat het beroep niet gegrond werd verklaard. Er werd geen aanleiding gezien om gedaagde te veroordelen in de proceskosten. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de kwalificatie boetewaardig gedrag is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.