ECLI:NL:CRVB:2005:AT1588
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maximale premie vrijwillige AOW-verzekering bij onvoldoende inkomensgegevens
Appellant, woonachtig in Duitsland, verzocht om toelating tot de vrijwillige verzekering voor de AOW en ANW. Gedaagde stelde de premie vast op het maximale bedrag omdat appellant niet de gevraagde inkomensgegevens overlegd had.
Ondanks herhaalde verzoeken en waarschuwingen dat zonder bewijs van lager inkomen de maximale premie geldt, weigerde appellant de benodigde documenten te verstrekken, met als argument dat het te veel werk was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De Raad overweegt dat appellant in de bestuurlijke fase aannemelijk moet maken dat hij voor een lagere premie in aanmerking komt. De door appellant overgelegde stukken waren onvoldoende en bovendien had hij tijdig de beschikking over de gegevens kunnen verkrijgen. Het niet overleggen van bewijs leidt tot de terecht vastgestelde maximale premie.
De uitspraak benadrukt het belang van het verstrekken van bewijs in de bestuursrechtelijke procedure en bevestigt dat het niet naleven hiervan consequenties heeft voor de premieberekening.
De Raad ziet geen aanleiding om af te wijken van het besluit en bevestigt het bestreden besluit van gedaagde.
Uitkomst: De maximale premie voor de vrijwillige AOW-verzekering is terecht vastgesteld wegens onvoldoende bewijs van een lager inkomen.