ECLI:NL:CRVB:2005:AT3547
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.M. van Male
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot afzien van terugvordering op grond van artikel 78c Abw bevestigd
Appellant verzocht het College van burgemeester en wethouders van Hoorn om kwijtschelding van een vordering wegens verzwegen inkomsten uit arbeid, onder voorwaarde van betaling van 50% van de restantvordering. Dit verzoek werd door het College afgewezen omdat het afkopen van de schuld naar verwachting niet meer zou opleveren dan het gebruikelijke incassotraject.
Appellant maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar dit bezwaar werd eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat het College bevoegd was om op grond van artikel 78c, eerste lid, aanhef en onder d, van de Algemene bijstandswet (Abw) van terugvordering af te zien. Het beleid om geen kwijtschelding te verlenen indien afkoop niet meer oplevert dan incassoprocedure achtte de Raad niet onredelijk of onaanvaardbaar.
De Raad stelde vast dat de resterende vorderingen bij ongewijzigde inhouding op de uitkering binnen drie jaar zouden zijn afgelost en dat het College in redelijkheid kon besluiten geen gebruik te maken van de bevoegdheid tot kwijtschelding. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het College bevoegd was om het verzoek tot kwijtschelding af te wijzen op grond van beleidsregels bij artikel 78c Abw.