ECLI:NL:CRVB:2005:AT3885
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- J. Th. Wolleswinkel
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar wegens verstoorde arbeidsverhoudingen bevestigd door Centrale Raad van Beroep
Appellant was sinds 1975 werkzaam bij de Provincie Fryslân en had sinds 1993 diverse functies bekleed. Na een reorganisatie in 1995 werd hij niet benoemd tot hoofd afdeling Milieu en Water, wat leidde tot voortdurende discussies over zijn takenpakket en een gespannen arbeidsverhouding.
In september en oktober 1999 escaleerden de verhoudingen definitief door het vastlopen van overleg met het Waterschap en bezwaren tegen een vacature. Appellant meldde zich ziek en werd tijdelijk andere werkzaamheden opgedragen. Een onderzoek door GITP concludeerde dat er onvoldoende draagvlak was voor herstel van de vertrouwensbasis.
Gedaagden besloten appellant te ontslaan met een vergoeding van 100.000 gulden. Appellant voerde hoger beroep aan tegen het ontslag en de hoogte van de vergoeding. De Raad oordeelt dat de verstoorde arbeidsverhouding voldoende is aangetoond, dat gedaagden geen passende functie konden bieden en dat de vergoeding passend is gezien de situatie.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslagbesluit en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens verstoorde arbeidsverhoudingen wordt bevestigd met een vergoeding van 100.000 gulden.