ECLI:NL:CRVB:2005:AT4587
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking Wajong-uitkering tijdens langdurige detentie en weigering heropening
Appellant, een Wajong-uitkeringsgerechtigde, werd in 1998 veroordeeld tot gevangenisstraf en aansluitende TBS met dwangverpleging. Op grond van de Wet sociale zekerheidsrechten gedetineerden (Wsg) werd zijn Wajong-uitkering ingetrokken vanaf juni 2000 vanwege een detentie die langer dan één maand duurde.
Appellant verzocht later om heropening van de uitkering na beëindiging van zijn detentie in december 2001, maar dit verzoek werd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en ook in hoger beroep werd dit standpunt bevestigd.
De Raad overwoog dat het onderscheid in de Wsg tussen gedetineerden en niet-gedetineerden en de toepassing op TBS-inrichting juridisch toelaatbaar is en niet in strijd met het EVRM. Er was geen sprake van ontneming van een bestaand eigendomsrecht. De Raad vond geen gronden om het besluit te herzien en bevestigde de eerdere uitspraak.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de Wajong-uitkering en wijst het hoger beroep af.