ECLI:NL:CRVB:2005:AT5811
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Th.G.M. Simons
- C. van Viegen
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring wegens niet tijdig indienen hoger beroepschrift
De zaak betreft een verzetprocedure tegen een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep, waarin het hoger beroep van opposant niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet tijdig indienen van het beroepschrift. Het beroepschrift was niet binnen de wettelijke termijn van zes weken na verzending van de uitspraak van de rechtbank ontvangen.
Opposant stelde dat hij het beroepschrift op 30 september 2004 had geschreven en geprobeerd had het diezelfde dag nog te posten, maar dat dit niet lukte vanwege gesloten brievenbussen. De Raad oordeelde dat deze verklaring onvoldoende was om aan te nemen dat het beroepschrift tijdig was verzonden.
De Raad concludeerde dat er geen gronden waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen en verklaarde het verzet ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en leden van de Raad in aanwezigheid van de griffier op 10 mei 2005.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdig indienen van het hoger beroepschrift zonder verschoonbare omstandigheden.