ECLI:NL:CRVB:2005:AT7703
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen inkomsten uit horeca
Appellant ontving vanaf juni 1996 een bijstandsuitkering. Het College van burgemeester en wethouders van Nijmegen herzag het recht op bijstand over de periode mei 1998 tot januari 2000 omdat appellant werkzaamheden in een restaurant had verricht en inkomsten had ontvangen zonder dit te melden. Dit leidde tot een terugvordering van ruim 18.000 gulden.
De Raad nam in het hoger beroep de gegevens van de belastingdienst, loonstroken en een verklaring van een getuige, mede-eigenaar van het restaurant, in overweging. Appellant stelde dat hij slechts één dag ter oriëntatie aanwezig was geweest en dat misbruik van zijn sofinummer was gemaakt, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De Raad oordeelde dat appellant zijn inlichtingenverplichting had geschonden, waardoor ten onrechte bijstand was verleend. Er waren geen dringende redenen om af te zien van herziening of terugvordering. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De herziening en terugvordering van bijstand wegens verzwegen inkomsten uit werkzaamheden in een horecazaak wordt bevestigd.