ECLI:NL:CRVB:2005:AT9057
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WW-uitkering wegens onvoldoende sollicitatie
Appellante, werkzaam geweest als hoofdanaliste in het Oogziekenhuis Rotterdam, ontving een WW-uitkering die gedurende 16 weken werd verlaagd vanwege onvoldoende sollicitatieactiviteiten. De verlaging bestond uit een vermindering van 20% vanaf 17 juni 2002 en 30% vanaf 15 juli 2002.
De Raad oordeelt dat appellante niet voldoende heeft voldaan aan haar sollicitatieverplichting zoals gesteld in artikel 24 van Pro de WW. De rechtbank had dit eerder vastgesteld en de Raad ziet geen reden om hiervan af te wijken. De ingebrachte argumenten in hoger beroep herhalen eerdere stellingen die reeds zijn beoordeeld.
De Raad bevestigt het bestreden besluit en wijst een proceskostenveroordeling af. Tevens wordt vermeld dat appellante vanaf 23 juli 2002 weer gedeeltelijk en vanaf 2 september 2002 volledig aan het werk is gegaan bij haar werkgever. De Raad acht de rechterlijke toetsing van de maatregelen correct.
Uitkomst: De verlaging van de WW-uitkering wegens onvoldoende sollicitatie wordt bevestigd.