ECLI:NL:CRVB:2005:AU0003

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
19 juli 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
02/2595s + 03/4708s WAO
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:73 AwbArt. 8:75 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek schadevergoeding wegens te late uitbetaling WAO-uitkering

In deze zaak vordert appellant schadevergoeding vanwege de te late betaling van een WAO-uitkering. Na vernietiging van een eerder besluit door de Raad werd het onderzoek heropend om de schade nader te onderbouwen. De gemachtigde van appellant gaf aan dat de schade beperkt was tot de wettelijke rente over de te laat betaalde uitkering.

De Raad constateerde dat het verzoek tot vergoeding van vertragingsrente reeds was toegewezen in een eerdere uitspraak. Gezien dit feit en het beperkte karakter van de schade, concludeerde de Raad dat het verzoek om aanvullende schadevergoeding niet kan worden gehonoreerd.

De Raad overwoog dat geen gronden aanwezig zijn om op grond van artikel 8:75 Awb Pro alsnog schadevergoeding toe te kennen. Het verzoek wordt daarom afgewezen. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Spaas en leden Schuttel en Bruning op 19 juli 2005.

Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wegens te late uitbetaling van de WAO-uitkering wordt afgewezen.

Uitspraak

02/2595s + 03/4708s WAO
U I T S P R A A K
in het geding tussen:
[appellant], wonende te [woonplaats], appellant,
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gedaagde.
I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING
Bij uitspraak van 2 december 2003 heeft de Raad in het geding tussen appellant en gedaagde, geregistreerd onder nummers 02/2595 + 03/4708 WAO, de uitspraak van de rechtbank Dordrecht van 5 april 2002 vernietigd, het beroep tegen het bestreden besluit gegrond verklaard en beslissingen gegeven inzake griffierecht en proceskosten. Toepassing gevend aan artikel 8:73, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft de Raad voorts bepaald dat ter voorbereiding van een uitspraak ter zake van de gevorderde schadevergoeding het onderzoek wordt heropend.
Vanwege de Raad is vervolgens aan de gemachtigde van appellant, mr. M. Spek, werkzaam bij de FNV-ledenservice, verzocht het verzoek om schadevergoeding nader te onderbouwen. De gemachtigde heeft bij faxbericht van 16 april 2004 medegedeeld dat de schade beperkt is tot de wettelijke rente over de te laat betaalde uitkering.
Partijen hebben desgevraagd toestemming verleend om verder onderzoek ter zitting achterwege te laten.
II. MOTIVERING
Appellant heeft verzocht om veroordeling tot vergoeding van schade die hij lijdt als gevolg van het vernietigde besluit. De Raad stelt vast dat, gelet op het faxbericht van appellants gemachtigde van 16 april 2004, thans is komen vast te staan dat de schade is beperkt tot de wettelijke rente over de te laat betaalde uitkering.
De Raad constateert voorts dat appellants verzoek tot vergoeding van de vertragingsrente reeds is toegewezen bij zijn in rubriek I vermelde uitspraak.
Het vorenstaande leidt tot de conclusie dat het verzoek om schadevergoeding moet worden afgewezen.
De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Awb.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Aldus gegeven door mr. K.J.S. Spaas als voorzitter en mr. J.W. Schuttel en mr. M.C. Bruning als leden, in tegenwoordigheid van J.W. Engelhart als griffier en uitgesproken in het openbaar op 19 juli 2005.
(get.) K.J.S. Spaas.
(get.) J.W. Engelhart.