ECLI:NL:CRVB:2005:AU1920
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voorwaardelijk strafontslag wegens plichtsverzuim door gevangenispsychiater
Appellant, werkzaam als districtspsychiater bij de Forensisch Psychiatrische Dienst, kreeg bij besluit van 11 mei 2001 een straf van voorwaardelijk ontslag opgelegd wegens plichtsverzuim. Dit besluit werd gevolgd door een eervol ontslag op zijn verzoek per 1 juni 2001. Het bezwaar tegen het strafbesluit werd ongegrond verklaard door de Minister van Justitie en bevestigd door de rechtbank.
In hoger beroep stelde appellant onder meer dat het besluit niet correct was bekendgemaakt en dat het onderzoek naar zijn gedragingen onzorgvuldig was. De Raad oordeelde dat het besluit terecht niet aan appellant zelf, maar aan zijn gemachtigde had moeten worden bekendgemaakt en dat de beroepstermijn daardoor niet was overschreden. Tevens werd geoordeeld dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de gedragingen van appellant, waaronder onjuiste declaraties en misbruik van positie, plichtsverzuim opleverden.
De Raad verwierp de stelling dat het eervol ontslag het voorwaardelijk ontslag zou hebben opgeheven en benadrukte dat de straf passend was gelet op de ernst van de gedragingen. Het beroep van appellant werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het voorwaardelijk ontslag bevestigd.