ECLI:NL:CRVB:2005:AU6140
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens niet verschijnen op oproep
Appellant en zijn partner ontvingen een bijstandsuitkering die werd ingetrokken omdat zij niet verschenen op oproepen van het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam om nadere informatie te verstrekken over het verblijf van de partner in het buitenland.
De rechtbank had het beroep tegen de intrekkingsbesluiten vernietigd, maar de rechtsgevolgen van de intrekking in stand gelaten. Appellant ging in hoger beroep tegen dit laatste deel van de uitspraak.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het College terecht het recht op bijstand opschortte en vervolgens introk, omdat appellant en zijn partner niet verschenen op de oproepen, terwijl dit hen te verwijten valt. De omstandigheden dat zij op het huis van een derde pasten en daardoor de post te laat ontvingen, zijn voor hun rekening en risico.
Er zijn geen dringende redenen aanwezig om van intrekking af te zien. De Raad bevestigt daarom het behoud van de rechtsgevolgen van het intrekkingsbesluit en wijst het hoger beroep af voor zover het zich daartegen richt.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wordt bevestigd omdat appellant en zijn partner niet verschenen op oproepen en dit hen te verwijten valt.