ECLI:NL:CRVB:2005:AU6531
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- P.J. Stolk
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en zorgvuldigheid medische advisering
De zaak betreft de herziening van de WAO-uitkering van gedaagde, die oorspronkelijk was vastgesteld op een arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%, maar door appellant werd herzien naar 35 tot 45%. De rechtbank had het bezwaar van gedaagde tegen deze herziening gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens twijfel over de zorgvuldigheid van de medische advisering.
In hoger beroep stelde appellant dat de medische stukken van de behandelend reumatoloog te laat waren ingediend en dat de rechtbank ten onrechte het besluit had vernietigd zonder het vooronderzoek te hervatten. De Raad oordeelde dat de stukken inderdaad te laat waren ingediend, maar dat de rechtbank bij twijfel over de medische advisering de appellant had moeten horen of een deskundige moeten inschakelen in plaats van direct te vernietigen.
De Raad liet een onafhankelijke deskundige een nader medisch oordeel geven, die concludeerde dat de belastbaarheid van gedaagde passend was bij de geselecteerde functies. De Raad volgde dit oordeel en oordeelde dat de rechtbank onterecht het besluit had vernietigd. Het beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering blijft in stand.