ECLI:NL:CRVB:2005:AU8569
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WW-uitkering bij samenloop met WAZ-uitkering
Appellant, geboren in 1948 en houder van een WAZ-uitkering, heeft na tijdelijk werk een WW-uitkering aangevraagd die aanvankelijk werd toegekend. Gedaagde trok deze WW-uitkering later in vanwege samenloop met de WAZ-uitkering, met inachtneming van een uitlooptermijn van zes maanden. Appellant stelde dat de wetswijziging per 1 januari 2004 hem recht zou geven op WW-uitkering en dat de uitlooptermijn te kort was.
De Raad overwoog dat de beoordeling plaatsvindt op basis van de toen geldende WW-bepalingen. De wetswijziging per 1 januari 2004 heeft geen terugwerkende kracht. Daarom is de uitsluitingsgrond voor WW-uitkering naast een WAZ-uitkering zoals die gold tot die datum van toepassing. Het beroep van appellant faalt en de Raad bevestigt het eerdere oordeel van de rechtbank.
De Raad achtte de door gedaagde gehanteerde uitlooptermijn van zes maanden passend en zorgvuldig, gezien de eerdere onjuiste informatie over de duur van de WW-uitkering. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WW-uitkering en wijst het hoger beroep af.