ECLI:NL:CRVB:2005:AU9244
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WAO-uitkering ondanks bezwaar tegen CBBS-toepassing
Appellant maakte bezwaar tegen de verlaging van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het gebruik van het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen niet strijdig was met de wet.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. Het CBBS vervangt het Functie Informatie Systeem en bevat de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML), die normaalwaarden hanteert om de belastbaarheid van een persoon te beoordelen. Hoewel het systeem enkele onvolkomenheden kent, acht de Raad het in beginsel als een acceptabel hulpmiddel bij de beoordeling van arbeidsongeschiktheid.
De Raad concludeert dat de drie geduide functies (assembleerder, haringinlegger en inpakker) binnen de functionele mogelijkheden van appellant liggen en dat de klachten van appellant, waaronder migraine en beenklachten, voldoende zijn meegewogen. De stelling dat de functies onvoldoende geactualiseerd zijn of dat appellant niet over de benodigde kwalificaties beschikt, wordt verworpen. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de verlaging van de WAO-uitkering blijft gehandhaafd.
Uitkomst: De verlaging van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het hoger beroep wordt afgewezen.