ECLI:NL:CRVB:2005:AU9667
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- H.G. Rottier
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens niet voldoen aan referte-eis en afwijzing schadevergoeding
Appellant was tijdelijk werkzaam als beleidsmedewerker ruimtelijke ordening en werd na afloop van zijn werkzaamheden niet in aanmerking gebracht voor een WW-uitkering omdat hij niet voldeed aan de referte-eis dat hij in de 39 weken voorafgaand aan werkloosheid ten minste 26 weken arbeid had verricht.
Na afwijzing van zijn aanvraag en bezwaar door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, stelde appellant beroep in bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel.
Appellant vorderde tevens een schadevergoeding voor het wegvallen van inkomsten tussen het einde van de loonbetaling en de toekenning van een bijstandsuitkering. De Raad oordeelde dat een schadevergoeding alleen kan worden toegekend indien het beroep gegrond wordt verklaard, wat hier niet het geval was.
Ook werd vastgesteld dat de wijze van besluitvorming niet in strijd was met wettelijke vereisten of algemene rechtsbeginselen. De Raad wees het beroep af en bevestigde het bestreden besluit, waarmee de weigering van de WW-uitkering en de afwijzing van de schadevergoeding ongewijzigd bleef.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WW-uitkering en wijst de schadevergoeding af.