ECLI:NL:CRVB:2006:AV5208
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Betalingsbeslissing beslag op AOW-uitkering binnen beslagkader
Appellant ontving een AOW-uitkering waarop de Belastingdienst beslag liet leggen voor een openstaande vordering van €237. De Sociale Verzekeringsbank nam een betalingsbesluit om dit bedrag in te houden. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door de SVB niet-ontvankelijk werd verklaard. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond omdat het bestuursorgaan binnen het beslagkader was gebleven.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het bezwaar tegen de betalingsbeslissing wel ontvankelijk is, omdat het een besluit betreft waartegen bezwaar mogelijk is. De SVB heeft ten onrechte het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, maar stelt inhoudelijk vast dat het bestuursorgaan binnen het beslagkader is gebleven. Het bezwaar wordt daarom ongegrond verklaard.
De Raad benadrukt dat alleen de burgerlijke rechter een inhoudelijk oordeel kan geven over het gelegde derdenbeslag. De Raad veroordeelt de Sociale Verzekeringsbank tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de betalingsbeslissing is ontvankelijk maar inhoudelijk ongegrond verklaard; het bestuursorgaan is binnen het beslagkader gebleven.