ECLI:NL:CRVB:2006:AV8569
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- A.B.J. van der Ham
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking bijstandsuitkering wegens onvoldoende bewijs bijstandbehoefte
Appellanten ontvingen sinds 1994 een bijstandsuitkering en werden beschuldigd van het niet melden van inkomsten uit werkzaamheden op de Zwarte Markt te Beverwijk. De gemeente Diemen trok de bijstand in en vorderde terugbetaling van ruim €45.000.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en het besluit tot intrekking van de bijstand. De Raad oordeelt dat de onderzoeksgegevens onvoldoende zijn om vast te stellen dat appellanten niet in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerden, omdat de omvang van de werkzaamheden en inkomsten niet met zekerheid kon worden vastgesteld.
Hoewel appellanten de inlichtingenverplichting schonden, zijn zij niet geslaagd in het aantonen dat zij recht hadden op volledige bijstand. Daarom blijft de intrekking van het recht op bijstand gerechtvaardigd, evenals de terugvordering van de bijstandskosten. De Raad veroordeelt de gemeente Diemen tot vergoeding van de proceskosten aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de bijstand wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs, maar de terugvordering en rechtsgevolgen blijven in stand.