ECLI:NL:CRVB:2006:AW3553
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening besluit Ziektewet-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, voormalig magazijnmedewerker, viel uit door een bedrijfsongeval en kreeg aanvankelijk een Ziektewet-uitkering. Het UWV beëindigde deze uitkering per 4 april 2002, omdat appellant volgens verzekeringsartsen voldoende herstel had en klachten psychosomatisch waren. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.
Later verzocht appellant via zijn gemachtigde het UWV om terug te komen op het besluit, stellende dat hij psychiatrische problemen had ontwikkeld als gevolg van het ongeval. Het UWV wees dit verzoek af, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep.
De Raad overwoog dat het verzoek om herziening van een onherroepelijk besluit alleen gehonoreerd kan worden bij nieuwe feiten of veranderde omstandigheden, welke appellant niet had aangetoond. Psychosomatische klachten werden reeds bij het oorspronkelijke besluit betrokken. De Raad zag geen reden om een nieuw medisch onderzoek op te dragen en vond dat het UWV in redelijkheid zijn bevoegdheid had uitgeoefend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.