ECLI:NL:CRVB:2006:AX8667
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit over WAO-dagloon en wettelijke rente
Betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) betreffende de vaststelling van zijn WAO-dagloon en de vergoeding van wettelijke rente over nabetalingen. Het bestuursorgaan had het dagloon vastgesteld zonder rekening te houden met diverse toeslagen en weigerde wettelijke rente vanaf de oorspronkelijke toekenning te vergoeden.
De Raad overweegt dat het bestuursorgaan bevoegd is terug te komen op een in rechte onaantastbaar geworden besluit, maar dat betrokkene daarvoor voldoende bewijs moet leveren. De Raad oordeelt dat betrokkene onvoldoende heeft aangetoond dat hij een CAO-toeslag en andere toeslagen heeft ontvangen binnen de referteperiode. Wel erkent het bestuursorgaan een onrechtmatigheid in het besluit over de wettelijke rente, met name het verzuim rente op rente toe te kennen.
De Raad bevestigt de vernietiging van het besluit over de hoogte van het dagloon, verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk voor zover het ziet op de wettelijke rente in het bestreden besluit, vernietigt het latere besluit over de rente en veroordeelt het UWV tot het nemen van een nieuw besluit en tot vergoeding van proceskosten. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan betrokkene vergoed.
Uitkomst: Het bestuursorgaan dient een nieuw besluit te nemen over het dagloon en wettelijke rente, met vergoeding van proceskosten aan betrokkene.