ECLI:NL:CRVB:2006:AX8722
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Verbod op brandgerelateerde nevenwerkzaamheden binnen uitgebreid verzorgingsgebied gerechtvaardigd
Appellanten, werkzaam bij de gemeentebrandweer, hadden in 1997 en 1998 toestemming gekregen om een eigen bedrijf te voeren voor advisering bij interne bedrijfsveiligheidsplannen, mits deze werkzaamheden niet concurrerend waren binnen het verzorgingsgebied van de brandweer Arnhem. Na een fusie en uitbreiding van het verzorgingsgebied per 1 januari 2002, werd een algeheel verbod op brandgerelateerde nevenwerkzaamheden binnen het nieuwe verzorgingsgebied ingesteld.
Appellanten maakten bezwaar tegen dit verbod, stellende dat de oorspronkelijke toestemming slechts concurrerende werkzaamheden verbood en dat hun werkzaamheden niet tot de brandweer taken behoorden. De rechtbank verklaarde hun beroepen ongegrond en niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de oorspronkelijke toestemming duidelijk was dat opdrachten binnen het verzorgingsgebied niet waren toegestaan. Het verbod is geen uitbreiding van de oude regels, maar een bevestiging daarvan. Bovendien kan het verrichten van brandgerelateerde nevenwerkzaamheden binnen het verzorgingsgebied de schijn van belangenverstrengeling wekken, wat de objectiviteit en integriteit van de brandweer kan schaden.
De Raad acht de belangenafweging van het dagelijks bestuur, waarbij het belang van het voorkomen van belangenverstrengeling zwaarder weegt dan de financiële belangen van appellanten, niet onredelijk. De uitbreiding van het verzorgingsgebied rechtvaardigt geen overgangsperiode. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken bevestigd.
Uitkomst: Het verbod op brandgerelateerde nevenwerkzaamheden binnen het verzorgingsgebied wordt bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.