ECLI:NL:CRVB:2006:AX9143
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling studiefinanciering norm uitwonende of thuiswonende student bij afwijking GBA-adres
Appellante had vanaf januari 2004 haar hoofdverblijf op een ander adres dan dat waarop zij in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (GBA) stond ingeschreven. Zij ontving studiefinanciering naar de norm van een uitwonende student, maar na controle stelde de IB-Groep vast dat haar opgegeven adres afweek van het GBA-adres. Appellante werd verzocht dit binnen vier weken te corrigeren, wat zij niet deed.
De IB-Groep wijzigde daarop de studiefinanciering naar de norm van een thuiswonende student. Appellante maakte bezwaar, dat werd afgewezen. De rechtbank verklaarde haar beroep ongegrond, stellende dat het risico voor het niet kunnen inschrijven in de GBA door het ontbreken van een huurcontract voor haar rekening komt.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij redelijkerwijs geen verwijt treft omdat de deelgemeente haar inschrijving weigerde vanwege het ontbreken van een huurcontract, en dat artikel 1.5 WSF 2000 in strijd zou zijn met artikel 6 EVRM Pro. De Raad oordeelde dat appellante onvoldoende inspanningen had verricht, zoals het tijdig aanvragen van onderhuur bij Stichting Stadswonen, en dat zij niet aannemelijk had gemaakt zich eerder dan de gestelde termijn bij de GBA te hebben gemeld.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het beroep af, omdat appellante niet had aangetoond dat haar van de afwijking redelijkerwijs geen verwijt kon worden gemaakt.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante onvoldoende inspanningen heeft verricht om haar GBA-adres te corrigeren, waardoor haar studiefinanciering wordt toegekend volgens de norm voor thuiswonenden.