ECLI:NL:CRVB:2006:AY2607
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over plichtsverzuim wegens onvoldoende bereikbaarheid tijdens ziekte
Appellant was sinds 1982 in dienst van het CBS en sinds 1999 veelvuldig arbeidsongeschikt wegens ziekte. Hij kreeg meerdere opdrachten om tijdens ziekte bereikbaar te zijn voor post van het CBS en de Arbodienst, maar handhaafde deze niet. Als gevolg daarvan werd zijn salaris gedeeltelijk ingehouden wegens plichtsverzuim.
De directeur-generaal baseerde dit besluit op adviezen van de bedrijfsarts die stelde dat appellant in staat was zijn post te behandelen. Echter, de verzekeringsarts van het UWV concludeerde dat appellant psychische klachten had die zijn functioneren belemmerden. De directeur-generaal heeft geen nader onderzoek ingesteld naar deze tegenstrijdige medische informatie.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het besluit onzorgvuldig tot stand is gekomen omdat geen aanvullend onderzoek is gedaan naar de psychische gesteldheid van appellant. Daarom wordt het besluit vernietigd en moet de directeur-generaal een nieuwe beslissing nemen met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: Het besluit tot inhouding van salaris wegens plichtsverzuim wordt vernietigd vanwege onzorgvuldigheid en de directeur-generaal moet een nieuw besluit nemen.