ECLI:NL:CRVB:2006:AY2635
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid na ontslag wegens ongewenst gedrag
Appellant was sinds 1999 werkzaam bij de gemeente Alblasserdam en kreeg in 2003 eervol ontslag na intern onderzoek waaruit bleek dat hij grote hoeveelheden pornografisch materiaal op gemeentelijke computers had opgeslagen. Hij vroeg een WW-uitkering aan, die door het UWV bij wijze van maatregel blijvend geheel werd geweigerd wegens verwijtbare werkloosheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het gedrag van appellant, het opslaan van pornografisch materiaal tijdens werktijd op gemeentelijke apparatuur, verwijtbaar was en dat hij redelijkerwijs had moeten begrijpen dat dit tot ontslag zou leiden. Verminderde verwijtbaarheid werd niet aangenomen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij onjuist was begeleid door zijn gemachtigde en dat het materiaal bedoeld was voor een waarschuwingswebsite over pornoverslaving. De Raad volgde dit niet en stelde dat het oogmerk niet afdoet aan de verwijtbaarheid van het gedrag. Ook het feit dat appellant zelf ontslag vroeg na het voornemen tot strafontslag doet niet af aan de verwijtbaarheid.
De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en oordeelde dat de WW-uitkering terecht blijvend geheel is geweigerd. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De WW-uitkering wordt blijvend geheel geweigerd wegens verwijtbare werkloosheid na ontslag wegens ongewenst gedrag.