ECLI:NL:CRVB:2006:AY3177
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over vaststelling arbeidsuren voor WW-uitkering na reorganisatie bij Defensie
Betrokkene was vanaf december 1997 werkzaam bij het Ministerie van Defensie als medewerker restaurant/kantine en kreeg in mei 2003 eervol ontslag vanwege een reorganisatie. Hij vroeg een WW-uitkering aan, die aanvankelijk werd toegekend op basis van een arbeidspatroon van 34 uren per week. Betrokkene maakte bezwaar omdat hij meende 36 uren per week te hebben gewerkt.
De rechtbank ’s-Hertogenbosch oordeelde dat er voldoende zekerheid was dat betrokkene feitelijk 36 uren per week werkte, onder meer omdat de werkgever dit in een brief en werkgeversverklaring bevestigde. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en gaf opdracht tot een nieuw besluit met inachtneming van deze feiten.
In hoger beroep betwistte appellant dit oordeel en stelde dat twee uren per week als ADV werden opgebouwd en dat de extra uren als overwerk waren uitbetaald, waardoor deze buiten beschouwing moesten blijven. Betrokkene handhaafde zijn standpunt dat hij 36 uren werkte en dat de ADV-regeling niet van toepassing was.
De Raad concludeerde dat de gegevens van de werkgever tegenstrijdig waren en dat het bestreden besluit onvoldoende was gemotiveerd in strijd met artikel 7:12 Awb Pro. Daarom werd het hoger beroep afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Tevens werd appellant veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat betrokkene recht heeft op een WW-uitkering gebaseerd op 36 arbeidsuren per week en veroordeelt appellant in de proceskosten.