ECLI:NL:CRVB:2006:AY4982
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- J.Th. Wolleswinkel
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herberekening wachtgeld met afbouwregeling na acht jaar
Appellant was ambtenaar tot april 1993 en kreeg na ontslag in 1995 wachtgeld toegekend op basis van zijn ambtelijke diensttijd. In 2003 stelde de Minister de aanspraken op wachtgeld opnieuw vast en trof een afbouwregeling waarbij het wachtgeld in tien termijnen werd verminderd tot het juiste bedrag aan uitgesteld pensioen.
Appellant stelde zich op het standpunt dat na acht jaar geen afbouwregeling meer getroffen mocht worden, omdat dit in strijd zou zijn met het rechtszekerheidsbeginsel. De rechtbank had het besluit vernietigd wegens onvoldoende hoorplicht, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de Minister bevoegd blijft om een administratieve fout te herstellen, ook na een periode van acht jaar, mits dit niet in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel. De afbouwregeling wordt als redelijk beoordeeld en het beroep van appellant wordt verworpen.
De Raad bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er is geen reden om toepassing te geven aan artikel 8:75 Awb Pro. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 13 juli 2006.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de Minister na acht jaar bevoegd is een afbouwregeling te treffen en wijst het hoger beroep af.