ECLI:NL:CRVB:2006:AY7072
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Beoordeling benadelingshandeling wegens niet tijdig stappen voor vakantierechtwaarden
Betrokkene was in dienst bij een werkgever die niet tijdig vakantierechtwaarden afdroeg. Na meerdere achterstandmeldingen ondernam betrokkene onvoldoende actie om betaling af te dwingen. De werkgever ging uiteindelijk failliet, waarna betrokkene een aanvraag deed tot overneming van de betalingsverplichtingen bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV).
De rechtbank oordeelde dat betrokkene een benadelingshandeling had gepleegd door niet tijdig en gericht stappen te ondernemen, maar vond een volledige weigering van uitkering een te zware sanctie. Zij legde een korting van 30% op de uitkering op. De appellant ging in hoger beroep tegen deze lichtere maatregel.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel dat betrokkene verwijtbaar handelde, maar vond het vertrouwen van betrokkene in betaling door de werkgever niet misplaatst gezien de omstandigheden. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde het UWV in de proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en legt een korting van 30% op de uitkering wegens benadelingshandeling.