ECLI:NL:CRVB:2006:AY9120
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek herziening WAO-uitkering wegens RSI-diagnose
Betrokkene, werkzaam als operator, ontving een WAO-uitkering wegens psychische en fysieke klachten. Het UWV verlaagde en verhoogde de uitkering op basis van arbeidskundig onderzoek. Betrokkene stelde dat hij RSI had, ondersteund door een medisch rapport van het Nederlands RSI Instituut.
Het UWV wees het verzoek om herziening af omdat geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden. De rechtbank vernietigde dit besluit omdat het RSI-rapport nieuwe feiten bevatte die niet eerder waren meegenomen, en oordeelde dat nader onderzoek nodig was.
In hoger beroep stelde het UWV dat het rapport geen wezenlijk nieuwe informatie bood. De Raad oordeelde echter dat de RSI-diagnose door een arts nieuw was en dat het UWV een medisch deskundige moest laten beoordelen of dit aanleiding gaf tot meer beperkingen.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het besluit tot afwijzing van herziening onvoldoende was gemotiveerd en vernietigde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt afgewezen en het bestreden besluit vernietigd wegens het niet erkennen van RSI als nieuw feit.