ECLI:NL:CRVB:2006:AY9974
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit arbeidsongeschiktheid na aanpassing CBBS-systeem
Appellant, voormalig productiemedewerker, kreeg een WAO-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35 tot 45%, na bezwaar tegen een eerdere lagere inschatting. De beoordeling gebruikte het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS), dat door de Raad eerder kritisch was beoordeeld vanwege onvolkomenheden in transparantie en toetsbaarheid.
Naar aanleiding van eerdere uitspraken heeft het UWV het CBBS aangepast om deze tekortkomingen op te heffen, zoals het verbeteren van nummering, signaleringen van mogelijke overschrijdingen van belastbaarheid en het zichtbaar maken van niet-matchende beoordelingspunten. De Raad oordeelt dat deze aanpassingen voldoende zijn om de eerder geconstateerde onvolkomenheden te verhelpen.
De Raad stelt dat alle signaleringen van mogelijke overschrijdingen van belastbaarheid van een afzonderlijke toelichting moeten worden voorzien, en dat de arbeidsdeskundige niet zonder overleg met de verzekeringsarts signaleringen mag omzetten zonder motivering. In het onderhavige geval is het bestreden besluit inhoudelijk toereikend gemotiveerd en voldoet het aan de eisen van inzichtelijkheid en toetsbaarheid.
Desondanks vernietigt de Raad het bestreden besluit omdat de noodzakelijke onderbouwing pas in de beroepsfase is gegeven, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten van appellant en bepaalt vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten.