ECLI:NL:CRVB:2006:AZ0427
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening onherroepelijke bestuursrechtelijke uitspraak over woonvoorzieningen
Verzoekster, vertegenwoordigd door haar bewindvoerder, verzocht de Centrale Raad van Beroep om herziening van een onherroepelijke uitspraak van 27 april 2005. Deze uitspraak bevestigde een eerdere beslissing waarbij het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Drechterland weigerde woonvoorzieningen toe te kennen op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten.
Verzoekster stelde dat de uitspraak was gebaseerd op onjuiste feitelijke uitgangspunten. De Raad constateerde echter dat de feiten en omstandigheden die verzoekster aanvoerde al vóór de uitspraak bekend waren of redelijkerwijs bekend hadden kunnen zijn. Hierdoor voldeed het verzoek niet aan de voorwaarden van artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad benadrukte dat het verzoek in wezen neerkomt op een hernieuwde behandeling van het hoger beroep, terwijl het rechtsmiddel van herziening daarvoor niet bedoeld is. Gezien deze overwegingen wees de Raad het verzoek af en wees geen proceskosten toe.
De uitspraak werd gedaan door voorzitter T.G.M. Simons en leden R.M. van Male en H.J. de Mooij, en uitgesproken in het openbaar op 11 oktober 2006.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de onherroepelijke uitspraak wordt afgewezen wegens niet voldoen aan de wettelijke voorwaarden.