ECLI:NL:CRVB:2007:AZ6906
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- C. van Viegen
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering wegens niet verstrekken actuele woningwaarde en vermogenstoets
Appellant diende op 26 september 2003 een aanvraag in voor bijstand op grond van de Algemene bijstandswet. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Buren wees deze aanvraag bij besluit van 20 januari 2004 af omdat appellant redelijkerwijs kon beschikken over een vermogen hoger dan het vrij te laten vermogen. Het bezwaar hiertegen werd ongegrond verklaard, waarbij het College stelde dat appellant geen gegevens had verstrekt over de actuele waarde van zijn woning, die mede bepalend is voor het vermogen.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. Appellant was mede-eigenaar van een woning in Duitsland die niet was betrokken bij de boedelscheiding na zijn echtscheiding. Ondanks verzoeken van het College had appellant geen actuele waardebepaling van de woning verstrekt. De Raad oordeelde dat appellant daarmee zijn wettelijke inlichtingenverplichting had geschonden.
De Raad verwierp het argument van appellant dat de oude aankoopprijs minus hypotheek de actuele waarde zou weergeven, mede omdat de aankoop een gedwongen verkoop betrof. Het ontbreken van een taxatie of andere waardebepaling bleef voor rekening en risico van appellant. Hierdoor kon het College het recht op bijstand niet vaststellen en was de afwijzing terecht. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van appellant wordt terecht afgewezen wegens het niet verstrekken van gegevens over de actuele waarde van zijn woning.