ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7935
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J. Brand
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Intrekking toepassing artikel 44 WAO en herziening arbeidsongeschiktheidspercentage
Appellante stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank Zwolle die het besluit van het UWV tot toepassing van artikel 44 van Pro de WAO niet vernietigde. Het geschil betrof de mate van arbeidsongeschiktheid van een werkneemster en de toepassing van inkomenskorting op basis van artikel 44 WAO Pro.
Het UWV had aanvankelijk een uitkering toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, maar na eerdere uitspraak van de Raad werd deze vastgesteld op 25 tot 35%. Het besluit tot toepassing van artikel 44 WAO Pro, dat een korting op de uitkering inhoudt vanwege inkomsten van de werkneemster, werd gehandhaafd door de rechtbank.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het besluit tot toepassing van artikel 44 WAO Pro onvoorwaardelijk dient te worden ingetrokken en vernietigt het besluit van 24 januari 2006. Tevens wordt het besluit van 26 mei 2003 vernietigd en het griffierecht aan appellante vergoed. De Raad wijst erop dat het duidelijker was geweest indien het besluit geen passages over gedeeltelijke handhaving had bevat.
De uitspraak bevestigt dat de inkomenskorting op grond van artikel 44 WAO Pro niet van toepassing is en dat de eerdere vaststelling van de arbeidsongeschiktheid leidend is. De Raad ziet geen aanleiding om het UWV te veroordelen tot vergoeding van rechtsbijstandkosten.
Uitkomst: Het besluit tot toepassing van artikel 44 WAO wordt geheel ingetrokken en het griffierecht aan appellante wordt vergoed.