ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7988
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- E. Dijt
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over WAO-uitkering wegens ontbrekende onderbouwing
Appellant, voormalig chauffeur, kreeg een WAO-uitkering toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Tegen dit besluit maakte hij bezwaar, waarna een bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige het oordeel aanpasten en de mate van arbeidsongeschiktheid op 45,3% stelden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep en betwistte met name de medische grondslag en de geschiktheid van de geduide functies. De Raad oordeelde dat de medische beperkingen juist waren vastgesteld en dat het CBBS-systeem als methode in principe aanvaardbaar is, mits het besluit voldoende gemotiveerd is.
Omdat het bestreden besluit aanvankelijk onvoldoende was onderbouwd, vernietigde de Raad het besluit, maar liet de rechtsgevolgen geheel in stand omdat de ontbrekende motivering in hoger beroep alsnog was gegeven. Tevens werden de proceskosten aan appellant toegekend.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing, maar de rechtsgevolgen blijven geheel in stand.