ECLI:NL:CRVB:2007:BA0504
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 45-55% arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig financieel adviseur, viel uit met klachten na een auto-ongeval in 1993. Het UWV herzag in 2004 zijn WAO-uitkering van 80% naar 45-55% arbeidsongeschiktheid. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep tegen deze herziening, stellende dat cognitieve, pijn- en psychische beperkingen onvoldoende waren erkend.
De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld en het oordeel van de rechtbank bevestigd. Uit verzekeringsgeneeskundige rapportages bleek dat de functionele mogelijkheden van appellant zorgvuldig waren vastgesteld, waarbij geen aanwijzingen waren voor bijkomende beperkingen die niet waren meegenomen. De Raad vond geen medische onderbouwing voor de door appellant gestelde beperkingen en zag geen aanleiding voor het benoemen van een medisch deskundige.
De Raad oordeelde dat het UWV voldoende had gemotiveerd waarom de geduide functies passend zijn ondanks niet-matchende punten. De Raad verwierp het standpunt van appellant dat sprake zou zijn van 'wegredeneren' van beperkingen. De herziening van de WAO-uitkering naar 45-55% arbeidsongeschiktheid met ingang van 16 april 2004 werd daarmee bevestigd.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 45-55% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd en het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.