ECLI:NL:CRVB:2007:BA0836
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling juiste sectorindeling natuurbouwbedrijf tussen bouw- en agrarische sector
Appellante houdt zich bezig met natuurbouw, waaronder het herinrichten van natuurgebieden en het terugbrengen van rivieren in hun oorspronkelijke bedding. De werkzaamheden bestaan uit grondverzet, het verwijderen van humusrijke grond en het aanleggen van ecologische verbindingszones, waarvoor vaak een aanlegvergunning vereist is. Appellante was aanvankelijk ingedeeld in de sector agrarisch bedrijf, maar werd per 1 juli 2005 ingedeeld in de sector bouwbedrijf.
Verweerder handhaafde deze indeling, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen civieltechnische en cultuurtechnische werkzaamheden. Civieltechnische werkzaamheden vereisen doorgaans een aanlegvergunning en betreffen grond-, weg- en waterbouw, terwijl cultuurtechnische werkzaamheden betrekking hebben op groenvoorzieningen en de bovenste grondlaag.
De Raad overweegt dat de werkzaamheden van appellante hoofdzakelijk civieltechnisch van aard zijn, omdat zij zich richten op grondverzet en vergelijkbaar zijn met werkzaamheden in de grond-, weg- en waterbouw. Dit wordt bevestigd door de presentatie van appellante in de Gouden Gids, het handelsregister en op internet, waar zij zich profileert als aannemer in grond-, water- en wegenbouw. Ook is appellante een erkend leerbedrijf voor machinisten in grondverzetmachines.
Gelet op deze feiten en het gehanteerde onderscheid in het basisdocument acht de Raad de indeling in de sector bouwbedrijf juist en verklaart het beroep ongegrond. Er worden geen proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de sectorindeling in bouwbedrijf bevestigd.