ECLI:NL:CRVB:2007:BA1459
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking ontheffing arbeidsverplichtingen bij bijstandsuitkering
Appellant ontving een bijstandsuitkering en had aanvankelijk ontheffing van arbeidsinschakelingsverplichtingen vanwege de verzorging van een jong kind. Na onderzoek bleek appellant een voltijdse studie geneeskunde te volgen en geen zorg meer te hebben voor kinderen jonger dan 18 jaar. Het College stelde op basis van een medisch advies van de GGD dat appellant geschikt was voor arbeid met therapeutische ondersteuning en trok de ontheffing in.
Appellant voerde verzet aan met een tegenstrijdig medisch oordeel van zijn behandelend psychiater, die stelde dat appellant niet in staat was reguliere werkzaamheden te verrichten en zijn studie moest kunnen voortzetten. De Raad oordeelde dat het College terecht het GGD-advies als uitgangspunt nam, dat na overleg met de psychiater was opgesteld en geen aanleiding gaf tot nader onderzoek.
De Raad benadrukte dat de WWB slechts ontheffing toestaat bij dringende redenen, die in deze zaak ontbraken. Daarom was het College bevoegd de ontheffing in te trekken. De aangevallen uitspraak van de voorzieningenrechter werd bevestigd en er werden geen proceskosten opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de ontheffing van arbeidsverplichtingen wordt bevestigd wegens het ontbreken van dringende redenen.