ECLI:NL:CRVB:2007:BA1778
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld wegens geschiktheid voor arbeid volgens WAO-beoordeling
Appellant, laatst werkzaam als keukenhulp, viel sinds 1985 uit en kreeg een WAO-uitkering die in 2003 werd ingetrokken. Het Uwv verklaarde per 10 mei 2004 het recht op Ziektewetuitkering beëindigd omdat appellant geschikt werd geacht voor arbeid in functies geselecteerd bij de WAO-beoordeling.
Medische onderzoeken door verzekeringsartsen concludeerden dat appellant geschikt was voor zijn arbeid, ondanks spanningsklachten en psychische problematiek. Psychiater Jessurun bracht rapportages in waarin sprake was van chronisch lichamelijk en psychisch lijden met sociaal en beroepsmatig disfunctioneren, maar deze visie werd door bezwaarverzekeringsarts Van Duijn weerlegd.
De Raad oordeelde dat de conclusies van de psychiater niet konden leiden tot volledige arbeidsongeschiktheid en dat de functies eenvoudig van aard zijn met geringe psychische belasting. Er was geen reden om aan het oordeel van de verzekeringsartsen te twijfelen. Daarom heeft appellant geen recht meer op Ziektewetuitkering vanaf 10 mei 2004 en werd de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Appellant heeft per 10 mei 2004 geen recht meer op Ziektewetuitkering omdat hij geschikt is voor arbeid in ten minste één van de geselecteerde functies.