ECLI:NL:CRVB:2007:BA1847
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afgewezen wegens ontbreken van belang na beëindiging bedrijf
Appellant verzocht het College van burgemeester en wethouders van Deventer om een aanvullend bedrijfskrediet van €4.000, maar dit werd afgewezen op advies van het IMK vanwege gebrek aan vertrouwen in de levensvatbaarheid van het bedrijf.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. Appellant ging in hoger beroep, maar gaf later aan dat hij zijn bedrijf per 19 oktober 2004 had beëindigd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant geen rechtens te respecteren belang meer had bij de beoordeling van het besluit, aangezien het bedrijf niet meer bestaat en er geen schadevergoeding werd gevorderd. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 20 maart 2007.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van belang na beëindiging van het bedrijf.