ECLI:NL:CRVB:2007:BA1966
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WAO-uitkering na beoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellante, werkzaam als keukenhulp, staakte haar werkzaamheden wegens gezondheidsklachten en verzocht om een WAO-uitkering. Het UWV wees dit verzoek af, wat ook door de rechtbank werd bevestigd. In hoger beroep betoogde appellante dat het onderzoek onvoldoende zorgvuldig was, mede vanwege een indicatiecommissie in het kader van de WSW.
De Raad overwoog dat toelating tot de WSW geen directe betekenis heeft voor de WAO-uitkering, maar dat gegevens uit de WSW-beoordeling wel kunnen worden meegewogen. De bezwaarverzekeringsarts had kennis van deze gegevens en concludeerde dat gedragsproblemen, niet lichamelijke gezondheid, de WSW-plaatsing belemmerden. Dit werd ondersteund door een orthopedagoog die een licht verstandelijke beperking en copingproblemen vaststelde.
De Raad vond het onderzoek naar de belastbaarheid zorgvuldig en de medische grondslag deugdelijk. Ook de arbeidskundige beoordeling, die uitging van een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%, werd onderschreven. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.