ECLI:NL:CRVB:2007:BA2352
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- H.G. Rottier
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheid en toewijzing proceskosten
Appellant, arbeidsongeschikt verklaard met een mate van 35 tot 45%, betwistte de vaststelling van het UWV dat zijn belastbaarheid ongewijzigd bleef. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat het onderzoek naar de medische beperkingen voldoende zorgvuldig was en de door appellant ingebrachte medische rapporten onvoldoende onderbouwing boden.
In hoger beroep stelt appellant dat het UWV ten onrechte de conclusies van zijn medisch specialisten heeft verworpen en dat de hem toegemeten functies niet passend zijn. De Raad oordeelt dat het UWV het onderzoek zorgvuldig heeft uitgevoerd en dat de rapporten van buitenlandse medici niet leiden tot een andere beoordeling.
De Raad concludeert dat appellant de voor hem geselecteerde functies kan vervullen, ook gezien de uitleg over productiepieken en deadlines. Het UWV heeft onvoldoende onderbouwd dat beperkingen zoals buigen tot een urenbeperking leiden. De Raad vernietigt het bestreden besluit wegens strijd met artikel 7:12 Awb Pro, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot betaling van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd, de rechtsgevolgen blijven in stand en het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.