ECLI:NL:CRVB:2007:BA2939
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheid wegens onvoldoende onderzoek en toekenning schadevergoeding
Appellant, voormalig tuinbouwmedewerker, woont sinds 1992 in Marokko en heeft zich daar ziekgemeld bij de CNSS met diverse medische klachten. Het UWV liet zijn arbeidsongeschiktheid buiten aanmerking op grond van artikel 25 van Pro de WAO omdat appellant niet adequaat reageerde op oproepen voor medisch onderzoek in Nederland. Appellant en zijn echtgenote stelden dat appellant niet reisvaardig was, ondersteund door medische verklaringen van artsen in Marokko.
De rechtbank oordeelde dat appellant reisvaardig was en verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep handhaafde het UWV dit standpunt, maar de Centrale Raad van Beroep stelt vast dat het UWV onvoldoende medisch onderzoek heeft verricht en ten onrechte volstond met dossieronderzoek zonder de medische verklaringen uit Marokko te weerleggen.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank voor zover deze het beroep ongegrond verklaarde. Tevens oordeelt de Raad dat de procedure onredelijk lang heeft geduurd, waardoor appellant recht heeft op een immateriële schadevergoeding van €1.500. Daarnaast wordt het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek en appellant krijgt een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.