ECLI:NL:CRVB:2007:BA3158
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij bijstandsverlaging
Appellant ontvangt sinds 1977 bijstand, laatstelijk op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Op 1 maart 2005 heeft het Dagelijks Bestuur de bijstand over maart 2005 met 100% verlaagd wegens onvoldoende arbeidsinspanningen van appellant. Het bezwaar tegen deze verlaging werd op 25 april 2005 ongegrond verklaard en de rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
Tijdens het hoger beroep heeft het Dagelijks Bestuur op 5 maart 2007 het eerdere besluit herroepen en het bezwaar gegrond verklaard, waardoor de uitkering over maart 2005 alsnog aan appellant werd uitbetaald. Hierdoor is appellant volledig tegemoetgekomen.
De Raad stelt vast dat door het herroepingsbesluit het procesbelang van appellant is komen te vervallen. Daarom verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk. Tevens wordt bepaald dat het betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.