ECLI:NL:CRVB:2007:BA3818
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens onjuiste woonadresinformatie
Appellant ontving bijstand sinds 1989 en stond geregistreerd op een bepaald adres. Het College van burgemeester en wethouders van Gouda trok de bijstand met ingang van 14 september 2004 in, omdat appellant niet woonde op het opgegeven adres. Dit werd vastgesteld na een huisbezoek waarbij bleek dat de woning was gebarrikadeerd en appellant verklaarde elders te verblijven.
De Raad beoordeelde dat appellant de wettelijke inlichtingenplicht had geschonden door onjuiste woonadresgegevens te verstrekken. Het College handelde binnen haar beleidsruimte door de bijstand in te trekken, aangezien het niet mogelijk was het recht op bijstand vast te stellen voor de periode van 14 tot en met 16 september 2004.
Appellants beroep en verzoek om schadevergoeding werden afgewezen, mede omdat zijn psychiatrische problemen niet met medische gegevens waren onderbouwd. De Raad oordeelde dat het beleid van het College om bij schending van de inlichtingenplicht bijstand in te trekken redelijk is en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens onjuiste woonadresinformatie wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.