ECLI:NL:CRVB:2007:BA8609
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat UWV medewerking moet verlenen aan executoriaal derdenbeslag zonder beoordeling beslagvrije voet
Appellant stelde hoger beroep in tegen het besluit van het UWV om een deel van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering aan een deurwaarder te betalen in verband met een gelegd derdenbeslag. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, stellende dat het UWV niet bevoegd is de juistheid van de beslagvrije voet te beoordelen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en benadrukt dat het UWV gehouden is medewerking te verlenen aan executoriaal beslag. De beoordeling van de geldigheid en hoogte van het beslag, waaronder de beslagvrije voet, is exclusief voorbehouden aan de burgerlijke rechter. De bestuursrechter toetst slechts of het bestuursorgaan binnen het kader van het beslag is gebleven bij het nemen van de betalingsbeslissing.
Omdat het niet in geschil was dat het UWV binnen dit kader handelde, wordt het hoger beroep verworpen. Appellant wordt geadviseerd om de hoogte van de beslagvrije voet met de deurwaarder te bespreken. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV medewerking moet verlenen aan executoriaal derdenbeslag en dat de beoordeling van de beslagvrije voet aan de burgerlijke rechter is voorbehouden.