ECLI:NL:CRVB:2007:BA9199
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- H.G. Rottier
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellant ontving sinds 27 oktober 1997 een WAO-uitkering wegens een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Na een vijfdejaars herbeoordeling door een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige van het UWV werd vastgesteld dat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Op grond hiervan werd de WAO-uitkering per 28 juli 2003 ingetrokken.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het UWV verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Middelburg oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat appellant onvoldoende onderbouwing gaf voor zijn stellingen. Ook weigerde appellant toestemming voor het opvragen van medische gegevens en gaf hij aan niet meer onder specialistische behandeling te zijn.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren, met name over zijn rugklachten en het niet raadplegen van behandelende artsen door het UWV. De Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij het oordeel van de rechtbank en bevestigt het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering na een zorgvuldige herbeoordeling.