ECLI:NL:CRVB:2007:BB1244
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing UWV over WAO-uitkering ondanks geschil over arbeidsongeschiktheid
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van het UWV om geen WAO-uitkering toe te kennen wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15% per 7 januari 2002. De rechtbank ’s-Hertogenbosch vernietigde dit besluit en bepaalde dat het UWV een nieuwe beslissing moest nemen, waarbij het oordeel was dat appellant niet als rijvaardig kon worden beschouwd en dat de functie van inpakker in ploegendienst niet als maatman kon gelden.
Het UWV handhaafde het besluit na nieuw onderzoek, waarbij arbeidsdeskundigen drie passende functies selecteerden zonder gevaarlijke omstandigheden of ploegendienst. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant deze functies kon verrichten en dat het beroep ongegrond was.
Appellant voerde aan dat de medische rapportage onvolledig was en dat er sprake was van toegenomen klachten na 7 januari 2002, en dat nader medisch onderzoek had moeten plaatsvinden. De Raad verwierp deze grieven omdat de eerdere uitspraak van de rechtbank kracht van gewijsde had en appellant geen nieuwe medische gegevens had overgelegd.
De Raad zag geen reden om het onderzoek open te houden en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee het beroep van appellant werd afgewezen en het UWV-besluit in stand bleef.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het UWV-besluit dat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt is en geen WAO-uitkering ontvangt, blijft in stand.