ECLI:NL:CRVB:2007:BB1888
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering WAZ-uitkering na borstkanker en vermoeidheidsklachten
Appellante, voormalig meewerkend echtgenote in een bloembollenkwekerij, meldde zich arbeidsongeschikt met vermoeidheidsklachten na een behandeling van borstkanker. Het UWV weigerde haar WAZ-uitkering op basis van een medisch onderzoek door arts Wanamarta en een arbeidskundig onderzoek, waarbij werd vastgesteld dat zij minder dan 25% arbeidsongeschikt was.
De rechtbank vernietigde het eerste besluit van het UWV vanwege strijd met het Schattingsbesluit omtrent de actualiteit van functies en droeg het UWV op een nieuw besluit te nemen. Het UWV nam vervolgens een nieuw besluit dat de eerdere beoordeling bevestigde.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de medische beoordeling van Wanamarta, ondersteund door rapporten van behandelend internist en chirurg, adequaat was en dat de arbeidskundige onderbouwing door Klijzing en Kleijne voldoende was. De Raad verwierp het beroep van appellante, bevestigde het nieuwe besluit en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WAZ-uitkering bevestigd.