ECLI:NL:CRVB:2007:BB3288
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheid en nieuwe beoordeling opgelegd
Appellant, voormalig verhuizer, werd in januari 2000 arbeidsongeschikt gemeld met klachten aan luchtwegen, borst en rug. Het UWV trok in 2004 zijn WAO-uitkering in wegens vermindering van arbeidsongeschiktheid tot minder dan 15%, maar stelde dit later bij op 15-25%. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het UWV onjuiste medische beperkingen hanteerde en dat de functies waarop de schatting was gebaseerd niet passend waren, onder meer vanwege het vereiste opleidingsniveau en actualiteitswaarde. De Raad volgde de rechtbank grotendeels, maar stelde dat de functie van stikster vanwege blootstelling aan stof niet passend was en dat de resterende functies onvoldoende waren om de schatting te dragen.
De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en beval het UWV een nieuw besluit op bezwaar te nemen. Tevens wees de Raad proceskosten toe aan appellant en bepaalde dat het griffierecht wordt vergoed. Een vergoeding van schade werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van geleden schade.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.