ECLI:NL:CRVB:2007:BB4194
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- B.M. van Dun
- R.P.Th. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid na ontslag wegens kinderporno op werkcomputer
Appellant werd ontslagen wegens het bekijken en verzamelen van kinderpornografisch materiaal op de computer van zijn werkgever. Hoewel het ontslag op staande voet later werd ingetrokken, werd de arbeidsovereenkomst ontbonden op verzoek van de werkgever. Appellant vroeg een WW-uitkering aan, die door het UWV werd geweigerd wegens verwijtbare werkloosheid.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn psychische problemen, waaronder een traumatische jeugd en psychiatrische behandeling, het gedrag niet in overwegende mate aan hem konden worden toegerekend. Hij voerde aan dat zijn werkgever de toegang tot internet had kunnen blokkeren om dit te voorkomen.
De Raad oordeelde dat de door appellant overgelegde medische stukken onvoldoende waren om te concluderen dat het gedrag hem niet geheel kon worden verweten. Ook was niet onderbouwd dat hij zijn werkgever niet kon benaderen. Het standpunt van de bezwaarverzekeringsarts dat het niet bespreken van het probleem met de werkgever geen ziekte-uiting is, bleef onbetwist. Daarom werd de weigering van de WW-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid na ontslag wegens kinderporno op de werkcomputer.