ECLI:NL:CRVB:2007:BB6892
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding lensimplantatie wegens onvoldoende medische noodzaak en doelmatigheid
Appellante verzocht het ziekenfonds om vergoeding van lensimplantaties in beide ogen vanwege een hoge refractieafwijking en contactlensintolerantie. Het ziekenfonds wees de aanvraag af op grond van het ontbreken van een geldige verwijzing en omdat een bril een doelmatiger en voldoende alternatief is.
De rechtbank vernietigde het besluit van het ziekenfonds vanwege formele tekortkomingen, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Appellante ging in hoger beroep tegen deze beslissing en voerde aan dat zij geen bril kon dragen vanwege een allergie en dat het ziekenfonds onzorgvuldig had gehandeld.
De Raad oordeelde dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat een bril geen adequate correctie biedt, mede omdat zij zelf verklaarde geen allergische reactie te krijgen van een kunststof montuur. Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan.
De Raad bevestigde de afwijzing van de vergoeding en wees het verzoek om schadevergoeding en proceskosten af. De summiere voorbereiding van het besluit werd wel bekritiseerd, maar dit leidde niet tot een andere uitkomst.
Uitkomst: De vergoeding van de lensimplantaties wordt afgewezen omdat een bril een doelmatig en adequaat alternatief is.